Voor deze uitdagingen staat ‘Egied’

Voor deze uitdagingen staat ‘Egied’

Aan het woord: Eddy Van De Velde

In de rubriek “Aan het woord” geven we telkens het woord aan iemand die betrokken is bij het project rond de Egied Van Broeckhovenschool (‘Egied’) in Molenbeek. Eddy Van de Velde, directeur van vzw Ignatius Scholen in Beweging (de scholengroep waartoe ‘Egied’ behoort) licht toe welke rol de Egied van Broeckhovenschool wil vervullen binnen de Brusselse context en voor welke uitdagingen de school staat.

Op welke uitdagingen binnen de Brusselse context moet er vooral een antwoord komen?

Om te beginnen vinden veel jongeren geen werk omdat ze vroegtijdig uitvallen op school en geen diploma behalen. Er zijn inderdaad teveel jongeren zonder diploma secundair onderwijs. Ze hebben keer op keer ontgoochelingen meegemaakt, vaak in verschillende scholen en hebben het nadien moeilijk om hun plaats in de samenleving te vinden. Dit werkt demotiverend omdat ze het gevoel hebben dat het voor hen niet lukt. De rol van het onderwijs is om ervoor te zorgen dat jongeren hun diploma behalen en dat ze nadien zin hebben om er op de arbeidsmarkt aan te beginnen. In een domeinschool moeten we dit kunnen realiseren binnen de studiegebieden die we daar aanbieden. Een goede scholing die de jongere een job oplevert is dus de grootste uitdaging. Daarom hebben we ook gekozen voor twee studiedomeinen die gerelateerd zijn aan noden op de arbeidsmarkt, m.n. het studiedomein STEM (Science, Technology, Electronics en Maths, red.) en het studiedomein Maatschappij en welzijn (alles wat met zorg te maken heeft, red.).

De multiculturaliteit en meertaligheid van de stad is een andere uitdaging. Hoe kan je de kinderen en jongeren in hun diversiteit laten samenwerken en samenleven? De basis daarvoor is een stevig pedagogisch project. Het Ignatiaans opvoedingsproject is zo een sterk opvoedingsproject en is er op gericht om mensen samen te brengen. We spreken hier over het tot stand brengen van verzoening tussen mensen met een verschillende religie, cultuur, taal, sekse of sociale achtergrond.

Waarom wordt de school naar Egied Van Broeckhoven vernoemd?

Egied besloot in 1965 om samen met twee andere priesters als priester-arbeider in Anderlecht te gaan werken en leven, midden de mensen. Net als de andere arbeiders werkte hij in de fabriek. Daarnaast stond hij met zijn metgezellen de vele migranten bij die op dat moment in Brussel toekwamen. Hij hielp ze in hun zoektocht naar werk en een huis. Dat was ongezien in die tijd en stootte toen zelfs op heel wat weerstand onder jezuïeten. Met onze school willen we iets gelijkaardigs doen door onderwijs te verstrekken in een gemeente die niet altijd even positief in het nieuws komt en heel wat uitdagingen kent. Maatschappelijk gezien willen we er dus voor zorgen dat de school ook iets voor de buurt betekent.

De leuze van de school wordt ‘En todo amar y servir’ (In alles liefhebben en dienen), wat perfect aansluit bij de filosofie van Egied. Dit was ook het motto van Ignatius van Loyola, de stichter van de jezuïetenorde. Daarbij nodigen we onze leerlingen uit ‘in alles lief te hebben en zich dienstbaar op te stellen’. Dit motto is de levenshouding waartoe we onze leerlingen willen aanzetten. In deze levenshouding staat het liefhebben van onze medemens centraal. Dit doen we zowel in grote als kleine dingen. In deze levenshouding willen we ook daadwerkelijk iets betekenen voor de anderen en ons dienstbaar opstellen. Ook voor Egied van Broeckhoven was deze levenshouding belangrijk. Egied stelde zich zelf steeds dienstbaar op vanuit een heel positieve en liefdevolle houding. Dit is meteen ook de grootste opdracht die we zelf hebben, de kinderen waarmee we werken graag zien en een groot empathisch vermogen aan de dag leggen om hen te begrijpen, te helpen en echt te leren kennen. Als onze leerlingen nadien deze levenshouding zelf verder uitdragen, mogen we onze missie als geslaagd beschouwen.

Lees de rest van het interview >